Belang bij de bescherming van natuurwaarden?

Onlangs heeft de Afdeling Bestuursrecht van de Raad van State (hierna: ‘Afdeling’) in een overzichtsuitspraak geoordeeld wanneer een natuurlijk persoon in rechte wel en niet kan opkomen voor het algemeen belang uit de Wet natuurbescherming (hierna: ‘Wnb’). Dit is van belang voor natuurlijke personen die in de nabijheid van plannen of projecten rondom beschermde natuurgebieden wonen en de uitvoerende ondernemingen daarvan.

 

De relativiteitseis

In beginsel kunnen natuurlijke personen in rechte niet makkelijk opkomen voor beschermde natuurwaarden. Deze waarden dienen namelijk een algemeen belang, zoals de bescherming van diersoorten of natuurgebieden. De mogelijkheid om in een procedure toch een beroep te doen op de Wnb is daarom niet voor iedereen weggelegd. Dit wordt door het relativiteitsvereiste beperkt.

 

Het relativiteitsvereiste ziet op het belang van degene die al ontvankelijk is in een procedure en vervolgens in deze procedure een beroep doet op de bescherming van wettelijke regel of algemeen rechtsbeginsel. De bestuursrechter kan een besluit alleen vernietigen als de individuele belangen van die burger voldoende duidelijk verweven zijn met het algemeen belang dat de Wnb beoogt te beschermen.

 

Het relativiteitsvereiste en beschermde natuurgebieden

Een omwonende van een plan of project kan een individueel belang hebben bij het behoud van een goede kwaliteit van zijn woon- en leefomgeving. Als een beschermd natuurgebied deel uitmaakt van zijn directe omgeving kan er sprake zijn van een verwevenheid van de individuele belangen van diegene en het algemene belang dat de Wnb beschermt. De burger kan in dat geval een beroep doen op de wettelijke regels van de Wnb. Bij de beoordeling of dat het geval is wordt onder andere rekening gehouden met:

  • de situering van de woning
  • de afstand tussen de woning en het natuurgebied
  • hetgeen aanwezig is in het gebied tussen de woning en het natuurgebied
  • het al dan niet bestaande gehele of gedeeltelijke directe zicht vanuit de woning op het natuurgebied

 

In de recente uitspraak van de Afdeling werd geoordeeld dat een afstand van 2 km tussen een woning en een natuurgebied te groot was voor de betrokkene om te nog kunnen spreken van voldoende belang om een beroep te kunnen doen op de Wnb. In een andere uitspraak is geoordeeld dat met een afstand van 100 tot 300 meter tussen een woning en een natuurgebied de betrokkene in de onmiddellijke nabijheid van dit gebied woont en daarmee wel een geslaagd beroep kan doen op de Wnb.

 

In een andere eerdere uitspraak van de Afdeling is geoordeeld dat een omwonende geen beroep kon doen op de Wnb, omdat het directe zicht vanuit de woning op het natuurgebied ontbrak. Tussen de woning en het natuurgebied lagen verschillende bebouwde percelen, een weiland en een watermolen met een horecagelegenheid. Een beroep op de beschermde natuurwaarden is door de Afdeling wel gehonoreerd bij een omwonende met een woning op een afstand van 500 meter en met vrij zicht op het gebied vanuit de woning.

 

Wil jij weten of jij kunt opkomen voor een algemeen belang zoals de Wet natuurbescherming? Of ben jij als onderneming betrokken bij een plan of project en gaat een betrokkene op grond hiervan in bezwaar of beroep? Wij helpen je graag verder!

Mr. M.A.J. (Mitchel) Konings, juridisch medewerker LGL legal B.V.